Enkele notities bij het vertalen van Elfriede Jelineks theatertekst Die Kontrakte des Kaufmanns
Er valt natuurlijk veel te vertellen over het vertalen van een tekst van Elfriede Jelinek. Ik wil me hier tot enkele belangrijke punten beperken die toegespitst zijn op de vertaling van deze theatertekst maar bij uitbreiding gelden voor het vertalen van haar werk in het algemeen.
Het vertalen van een Jelinek-tekst dwingt je als vertaler zeer expliciet tot reflectie over de eigen vertaalpraktijk. Jelinek is een experimentele schrijfster die met de taal als betekenisdrager onzachte spelletjes speelt. In Die Kontrakte persifleert ze op ingenieuze wijze het jargon van de bank- en beurswereld in tijden van crisis. In eindeloze, monomane herhalingen en variaties presenteert de tekst de mooipraterij, de newspeak van de beleggingswereld. De tekst lijkt een langzaam leegbloedende indoctrinatiemachine, aangezogen door het zwarte gat dat achter het virtuele spel met het geld gaapt. Jelinek doorspekt die monomane persiflage met haar al even dwangmatige taal- en citaatspelletjes, waarmee ze het actuele referentiekader van de tekst telkens weer openbreekt. De tekst telt maar weinig regels zonder taalgrappen, verbasterde spreekwoorden, verdraaide citaten uit de wereldliteratuur of ook uit internetblogs.
Het puur technische aspect van de vertaling van het financiële vakjargon is niet meteen het moeilijkste – ook al is het niet altijd evident om de Duitse terminologie in correct Nederlands om te zetten, dat vaak gewoon de Engelse begrippen overneemt. Het spel meespelen van herhaling en variatie is al heel wat moeilijker; het Duitse origineel biedt hier mooie staaltjes van de esthetische kracht van de retoriek, van de verleiding die ook van holle woorden kan uitgaan, maar laat die kracht ook telkens weer omslaan in een zelfdestructieve implosie. Jelinek slaagt er in deze tekst bij uitstek in zinvolle taal in onzin te laten ontaarden. Als vertaler moet je voortdurend alert blijven voor de energiecurve van deze persiflage. Elke draai van de opgeschroefde herhalingsdwang dien je na te tekenen, net als het uiteindelijke leegbloeden, het verzanden van de zinsbouw en de betekenisgeving. Tegen de ontsnappingsneigingen die je als lezer voelt opkomen en kunt toelaten, moet je je als vertaler verzetten. Wellicht ligt hier het meest afmattende aspect van het vertaalwerk, dat je je naar een dynamiek dient te schikken waar je als lezer door wordt geprikkeld en uitgedaagd.
De vruchten die Jelinek in haar experimentele taalspeeltuin plukt, zorgen dan weer in eerste instantie voor de klassieke vertaalproblemen waar elke vertaler van experimentele literatuur mee geconfronteerd wordt. De citaten identificeren, de context opsporen van toespelingen en verwijzingen, de mechanismen herkennen achter de taalverbasteringen, evenwaardige equivalenten vinden voor de originele woordspelingen. Maar ook: niet achter elke ongewone woordcombinatie een woordspeling vermoeden – Jelineks inflatie aan taalgrappen maakt je lichtjes paranoïde – en snoeien in de eigen mooie vondsten: het bekende ‘kill your darlings’-principe is hier zeker aan de orde.
Het moeilijkste aspect voor de vertaling is zonder twijfel Jelineks constante vervlechting van haar taalexperiment en citaatkunst met de financiële context van het stuk. Want dat betekent dat je er in je zoektocht naar een equivalent voor het woordspel over moet waken dat het ook met de financiële context klopt. Een voorbeeld: de uitdrukking “Kleinvieh macht auch Mist!”, die betekent dat ook kleine successen en bescheiden winsten belangrijk zijn en doorgaans wordt vertaald als “alle beetjes helpen”. Hoewel de vertaling klopt met de economische context, verliest ze de zeer beeldrijke associaties met kleinvee en mestproductie, en de verbinding met uitdrukkingen als “Mist machen”, “Mist reden”, “er niets van bakken”, “onzin uitkramen”. En natuurlijk integreert Jelinek de oorspronkelijke uitdrukking niet onaangetast in haar tekst maar vlecht ze elk bestanddeel (klein, vee, mest), elke associatie en connotatie als rode draadjes doorheen de tekst. Bovendien maakt de Duitse uitdrukking een prachtige verbinding mogelijk met het uitmesten van de Augiasstal, één van de werken van Herakles; Herakles van Euripides is een belangrijke subtekst in het stuk. De vertaling van de oorspronkelijke uitdrukking dient dus niet alleen te kloppen met de economische context maar moet idealiter genoeg potentieel bevatten om ook in alle daarop volgende herhalingen en variaties ingezet te kunnen worden en met de subtekst te rijmen.
Laat ik er tot slot op wijzen dat het vertalen van deze tekst uitstekende argumenten oplevert om de opvatting te weerleggen dat Jelineks teksten niet geschikt zouden zijn voor het theater. Ook hier vermeld ik slechts enkele aspecten: het stuk is een doorgedreven kritiek op het gesproken woord en reflecteert over de zin en onzin die het gesproken woord kan transporteren; het stuk viseert daarbij niet alleen de spreker maar minstens evenzeer de toehoorder. De tekst leeft heel erg van zijn retorische opbouw en kan bijgevolg paradoxaal genoeg ook gelezen worden als een ode aan het gesproken woord. Daarenboven ontwikkelt het stuk zeer sterke visuele beelden, bijvoorbeeld over het beleggingsspel als infantiliserend en regressief of over het illusionaire en virtuele karakter van het beurssysteem. Maar ook over de zeer reële, dodelijke impact die het doorprikken van de luchtbel op het leven heeft.
Inge Arteel











druk deze pagina af
mail een vriend