logo-print
Nieuws

Opening night : interview met Katja Herbers

Katja Herbers was het gekke postmeisje in de Talpaserie Lieve Lust, en de serieuze zus in Pietje Bell. Nu speelt ze een huisvrouw in Opening Night, een co-productie van NTGent en Toneelgroep Amsterdam. ‘Ik wil best een keer een hysterisch wijf spelen, heel graag zelfs.’

Opening Night is bedolven met ronkende recensies.

“Ja fantastisch he? Het heeft ook een keerzijde, soms voel je een soort “nou laat dan maar eens zien hoe goed het is”-houding, maar die mensen gaan denk ik toch overtuigd de schouwburg uit. In Gent zit het elke avond vol. Dat is leuk. De Belgen zijn erg oprecht in hun applaus, als iemand gaat staan dan betekent dat ook echt iets. Hier in Nederland heeft het niet zoveel waarde meer, meer van, ‘op naar de jassen!’

En waar klappen ze voor?

Opening Night is een stuk in een stuk. Je ziet een theaterfamilie, een week voor de premiere van een toneelstuk. Ook wordt er een documentaire gemaakt over het reilen en zeilen van deze groep, wat dan weer direct geprojecteerd wordt op een groot scherm. Dat heeft een fantastisch effect, volgens mij. Je kunt onze gezichten heel goed zien, daardoor geraak je heel betrokken ook als je op het tweede balkon zit. Elsie de Brauw speelt de hoofdrol: een actrice die niet kan aanvaarden dat het personage dat zij speelt geen hoop heeft, geen humor, geen angst. Daardoor weet ze ook niet meer wie ze zelf is. Door haar crisis kan de hele familie niet meer naar behoren functioneren. Opening Night gaat onder andere over hoe het individu alleen maar bestaat in een maatschappelijke context.”

En wat is jouw rol?

“Ik speel de vrouw van de regisseur [Fedja van Huet]. Ze was actrice maar heeft zich teruggetrokken uit die theaterfamilie om samen te zijn met haar man en haar kinderen. Maar haar man voelt er niet zoveel voor om dat huwelijk op die manier te beleven. Hij vraagt haar opnieuw te gaan spelen, toen was zij tenminste iemand. Langzaamaan besluit ze haar huwelijk breder te zien en die hele theaterfamilie te omarmen. Zo accepteert ze bijvoorbeeld dat haar man met de hoofdrolspeelster naar bed gaat. Best heftig.”

Ruimhartig type.

“Ja, ikzelf zou daar veel te jaloers voor zijn.”

Heb je zelf wel eens geprobeerd een groep te verlaten, en dat je merkte dat je dat niet kon?

“Ehm, nee, eigenlijk niet. Ik heb wel altijd moeite gehad met afscheid. De toneelschool bijvoorbeeld. Om even in de lijn van Opening Night te spreken: dat was een bedding, waarin ik precies wist: hierbinnen ben ik deze persoon. Ik had van tevoren niet kunnen voorspellen dat ik zo treurig zou worden toen dat voorbij was. Dat hoort denk ik ook een beetje bij theater, je leert mensen snel vrij goed kennen. Maar je weet, die gaan na zo’n productie allemaal weer met andere mensen eenzelfde soort band aan. Daarom ook vind ik het leuk dat ik nu vast bij NTGent zit.”

Ga je nu helemaal voor toneel?

“Nee hoor. Ik wil ook tv en film doen, maar daarvoor word je pas zo laat gevraagd. Dan heb ik vaak al toneel op de planning staan. Maar het lukt ook vaak wel. Ik heb net in De Uitverkorene gespeeld, een film van Theu Boermans. Die is heel mooi geworden. En ik speel bij Het Klokhuis en Lieve Lust. Dat laatste is heel raar gegaan. Er is zo mee gehusseld door Talpa dat het een beetje is doodgebloed; van de buis, weer terug op de buis…”

In beide producties speel je een rustig, lief meisje.

“Ja, dat is wel zo. Ik wil best een hysterisch wijf spelen, heel graag zelfs, maar bij film en televisie heb ik dat nog niet echt gedaan. Ik hoop wel dat die tegenkleur nog komt.”

Ben je zo’n tiepje dat altijd al actrice wilde worden?

“Nee. Ik wist het niet zo goed. Mijn ouders zijn allebei musici. Ik heb vanalles gespeeld, maar ik was nergens echt goed in. Ik wilde ook nooit studeren, Daar heb ik wel spijt van. Heb ook een tijdje gedacht dat dat een gemiste kans was. Muziek, daar wordt ik toch het gelukkigst van. Nu denk ik dat acteren ook wel heel erg bij mij past. Maar ik ben niet zo’n kind geweest dat tot in den treure mensen moest vermoeien met stukjes tussen de schuifdeuren. Op de middelbare school merkte ik pas dat ik acteren leuk vond. Maar dat zei ik tegen niemand, dat vond ik zo ijdel. Ik dacht: ja, iedereen wil wel op de film.”

EXTRA VRAAG:

Ik heb nog niet zo heel veel premieres meegemaakt, maar ik vind het geen pretje. Het is zenuwslopend, ik ben misselijk en heel nerveus. Maar het is ook op een leuke manier spannend en ik voel me altijd heerlijk als het voorbij is, tenzij ik heel slecht gespeeld heb, dan blijf ik misselijk, hihi.