

'Een simpel advies: gaat dat zien, gaat dat zien.' De Morgen
Een bruid in de morgen (1953-54) is met zijn vier bedrijven de eerste grote theatertekst van Hugo Claus. Voor velen is het ook zijn beste. Het stuk vertelt het verhaal van de familie Pattijn. Vader Rik Pattijn gaat door het leven als Henri Pattini – een artiestennaam. Pattini is componist, wiens loopbaan op een dood spoor is geraakt. Dit tot grote verbittering van zijn vrouw, Madeleine. De Pattini’s moeten het met weinig stellen, maar proberen angstvallig hun sociale aanzien van weleer in stand te houden. Dit valt des te moeilijker vanwege hun negentienjarige zoon Thomas, een naïeve zorgbehoevende jongen, en hun rebelse dochter Andrea. Thomas en Andrea hebben een sterke band, die een sluimerende incestueuze intimiteit doet vermoeden. Ze zoeken steun in elkaars armen, vrijheid in elkaars dromen. In een poging om het gezin uit de materiële zorgen te redden en om haar kinderen uit elkaar te halen, koppelt Madeleine Thomas aan een welgestelde oude vrijster uit de familie, nicht Hilda. Uit verzet tegen deze ongelukkige machinaties kiest Andrea voor de dood.
Claus presenteert een zedenschets over een sociaal geïsoleerde familie. Het stuk speelt in het Vlaanderen van de jaren vijftig, maar boort een thematiek aan die beklijvend herkenbaar voelt. In Een bruid is het gezin niet langer de spreekwoordelijke hoeksteen van de samenleving. Integendeel, Claus toont wat er gebeurt als de samenleving ophoudt een gezin te dragen. Zich bewegend op een dunne grens tussen tragedie en komedie schetst hij op onnavolgbare wijze de krampachtige zoektocht naar een uitweg. En een wanhopige zucht naar liefde.
Clauskamp wekte bij ons ensemble een grote goesting om met een stuk van Claus in de grote zaal te staan. Met Een bruid in de morgen is het, sneller dan we hadden durven hopen, zo ver.