
Het licht in de zaal is maar half gedoofd of er dondert een massa terrasmeubilair op het toneel. Een paar seconden later komt het puin tot leven. De spelers kruipen uit de rommel. Eentje zoekt en vindt zijn vriendin. Ze is dood. Maar even later begint ze te praten. Te vertellen. En je beseft dat het verhaal van achter naar voor wordt verteld. Een handicap, zoals snel zal blijken. De mengeling van spel- en verteltheater is een tweede handicap. De voorstelling blijft een spel achter glas. Om toch enige interferentie te bereiken wordt de doos met gekunstelde valpartijen flink geplunderd.
Waarom regisseur Johan Simons toneelbewerkingen van de romans van Michel Houellebecq (1958) wil maken, is een raadsel. Deze Fransman schrijft vliegtuigliteratuur. Lichte kost, vers uit de diepvries. Bij Houellebecq blijft de erotiek artificieel. Zeker in zijn zwakste roman 'Platform'. Hij overlaadt het verhaal met seksscènes. Onder de schemerlamp zijn ze nog enigszins te pruimen, maar in een openbare ruimte wekken ze enkel irritatie op, vooral omdat ze worden verteld en niet gespeeld. Hooguit een beweging of blik richting schaamdeel wordt eraan toegevoegd. Te zwak om het bloed sneller te laten stromen.
Armetierig
De tekstbewerking van 'Platform' is bovendien armetierig. Tom Blokdijk heeft de pikantste zinnen en wat gratuite filosofie-tjes aaneengesmeed. Wat hij ermee bereikt, staat haaks op de bedoeling: het helder spelen van een commercieel idee en de drijfveer er achter. Er kan in de handel pas van winst gesproken worden als het omzetcijfer 10 procent hoger ligt dan het vorige omzetcijfer. Dat geldt voor alle sectoren van de economie. Ook het toerisme moet daarom voortdurend herboren worden, zeker omdat vakantiereizen in de westerse cultuur een belangrijke economische positie hebben ingenomen. Dat vertaalt zich in de roman van Houellebecq door aan de formule van all-invakanties een consumptie toe te voegen: erotiek à la carte. Want de westerse mens kan zich enkel nog ontspannen door seks met plaatselijke schoonheden, maar hij mist de kunde om te avonturieren. Bingo. Kassa. Premies. Aandelen. Tot een bomaanslag van een islamitisch commando het jonge succes vernietigt en de hele westerse media, die zich voor de aanslag in euforische termen uitliet over de formule, er nadien met afschuw over berichten.
Steven Van Watermeulen en Els Dottermans spelen Michel en Valérie, de bedenker en uitvoerder van de extra consumptie. Ze doen dat met veel inzet. De toeschouwer begrijpt daardoor dat het bestaan van de westerse cultuurbarbaar een ruïne is, maar het lukt hen niet te verhullen dat het concept dat door de kaduke structuur al evenzeer is
De Tijd, Guido LAUWAERT, 19-12-2005