logo-print
Nieuws

The sound of silence

Jeroen Vander Ven, afgestudeerd aan het Rits, verbaasde vorig jaar al met een sterke en zelfgeschreven monoloog Leuchter. Daarin vertolkte hij de rol van Leuchter, uivinder van de dodelijke injectiemachine en notoir negationist. Vander Ven slaagde er toen in met een brok non-fictie een persoonlijk en tegelijk groter verhaal van schuld, boete en straf te vertellen. Mét mededogen voor de mens achter de gruwel.

Zijn nieuwste voorstelling Fobbit gaat in zekere zin op dat elan verder en zoomt in op de mens(en) achter de militair. De titel, een samentrekking van fob (forward operating base) en Tolkiens hobbit, is zowat het militaire synoniem voor sissy of angsthaas en verwijst naar het grondpersoneel dat zich zelden buiten de militaire basis begeeft;

Vander Ven houdt zich ver van het geheven pacifistische vingertje, maar toont zonder oordelen en vertelt zonder verbloemingen. Samen met kompaan Thomas Bellinck met wie hij de fascinatie voor non-fictie deelt (Bellinck werd geselecteerd voor het Theaterfestival met zijn theatrale actie Sans papiers zingen de Brabançonne in drie landstalen) ging Vander Ven soldaten interviewen over het hoe en waarom van hun beroep. Die interviews vormden de basis voor verschillende scènes: een ontmijner, een vader-soldat die zijn afscheidsbrief voorleest, de geschiedenis van Afghanistan samengevat in een stukje schimmenspel. Het is een mozaïek aan verhalen met als lijm de intense vertolking van Vander Ven en het overdonderende scènebeeld.

De speelvloer, een donker landschap dooraderd met kronkelende draden en colablikjes, is als een mijnenveld. De beginscène waarin Vander Ven, beducht op boobytraps, minutenlang op het podium rondsluipt, is zenuwslopend. Het geeft je als toeschouwer klamme handen en maakt het aan de lijve voelbaar wat het moet zijn om als militair in constante angst en spanning te zitten, de vinger "elke nanoseconde aan de trekker". Tot een strakke witte kist met de Belgische driekleur erover, alles is wat nog overblijft.

Fobbit is een persoonlijk, universeel verhaal van nu en alle tijden, van Afghanistan tot Yperiet. In de veelheid van wat hij wil vertellen wordt Vander Ven soms wat drammerig en zeker naar het einde toe verliest hij de focus en lijkt het erop dat hij niet weet welk slotbeeld te kiezen. Maar het zingen van Simon en Garfunkels The sound of silence door een gasmasker doet de bang oorverdovend klinken.