logo-print
Nieuws

Verdriet is (g)een cliché

Verdriet verdraagt geen franjes. Geen rijk versierd decor of muziek die de ruimte tot in de nok vult. Verdriet vraagt soberheid: een man en een vrouw op een kleine tribune, naast een koffiezetapparaat en een waterbidon, en een countertenor die a capella zestiende-eeuwse liederen van John Dowland brengt.

De man en de vrouw in Gif noemen hun naam niet, ze ontlenen die aan hun overleden zoon Jacob: ‘vader van', ‘moeder van'. Man en vrouw zijn ze al tien jaar niet meer, nadat hij zijn koffers nam en zij hem niet tegenhield, maar nu ontmoeten ze elkaar opnieuw. Hij heeft ondertussen een nieuw leven opgebouwd in het Franse Normandië en wordt binnenkort voor de tweede keer vader. Zij is niet veranderd: haar verdriet is nog altijd een levenshouding, een donkere, cynische manier om naar de wereld te kijken.

Het maakt het verdriet in Gif, uitgesproken en onuitgesproken, zo alomtegenwoordig dat het alles verdringt.

De tekst van Lot Vekemans schuwt de clichés niet. De personages zijn stereotiepen door de verschillende manier waarop ze rouwen. De man richt de blik op de toekomst terwijl de vrouw steeds achterom kijkt, waardoor ze voortdurend tegen elkaar aanbotsen. Vekemans laat de acteurs Elsie de Brauw en Steven Van Watermeulen boutades uitspreken als ‘ik denk elke dag aan hem' en ‘sinds Jacob is niets nog hetzelfde'.

Hoe komt het dan dat Gif nooit pathetisch wordt en dat je jezelf er na de voorstelling op betrapt dat je dieper zucht dan gewoonlijk? Rouwen om een kind is nog altijd een van de meest zuivere emoties, het dwingt respect af, zelfs als het de tranen van een acteur zijn.

De clichés verliezen hun kracht niet, omdat ze de grootste gemene delers van het verdriet zijn: ze geven de grenzen van het onzegbare aan. U merkt het, verdriet dwingt ons tot boutades.

Maar Gif zou ons niet beroeren mochten de acteurs Elsie de Brauw en Steven Van Watermeulen, in een regie van Johan Simons, ons met hun intimistische spel niet subtiel bij de hand nemen. Met humor, kleine gebaren, een stem die het evenwicht zoekt tussen zacht en hard en vooral, met een betrokkenheid die je nauwelijks in vraag durft te stellen, houden ze het stuk anderhalf uur kaarsrecht overeind.

Gif zakt nooit weg in ongeloofwaardige pathetiek, zelfs niet wanneer Steve Dugardin met zijn falsetstem de melancholische liederen van John Dowland inzet. Gif is een bitterkomische hymne aan het verlies die je in alle stilte tot nederigheid dwingt.

door Sarah Vankersschaever, De Standaard, 24-12-2009