Misschien is het geen onverschilligheid. Misschien is het collectieve ontreddering
In het voorjaar van 2026 ontving rituelenmaker Barbara Raes vijf jaar na datum tientallen slachoffers van de klimaatramp in de vallei van de Vesder voor het bijzondere herdenkingsritueel 'Mémoires des Eaux'. In de speech die ze gaf bij de onthulling van een herdenkingsmonument in Théâtre de Liège blikt ze terug op vijf broodnodige weken van rouw, verbinding, ontreddering en hoop.
Vijf jaar geleden veranderde water hier van betekenis. Water, dat we kennen als bron van leven, werd een vernietigende kracht. Maar rampen eindigen niet wanneer het water zich terugtrekt. Ze blijven aanwezig in landschappen, in lichamen, in nachtelijke dromen. Ze nestelen zich in de stiltes van verborgen rouw.
De voorbije weken trok ik met Mémoires des Eaux langs vijf plekken die door het water werden getekend. We kwamen niet om antwoorden te brengen, maar om aanwezig te zijn. Om te luisteren. Om tijd en ruimte te maken voor verhalen en emoties. Na vijf jaar is de rouw niet meer rauw, maar absoluut ook niet voorbij. Van Ca ne s'oublie pas, naar "ik wil de bladzijde omdraaien", en alles daartussen. In deze tussenruimte kon misschien net de kunst van betekenis zijn, dankzij de durf om toch te benoemen, te verbeelden en te verbinden.
Mensen kwamen binnen zoals ze waren. Sommige gesprekken waren licht. Andere tastten voorzichtig de randen van een groot verdriet af. Soms was het een stroom van woorden die eindelijk gehoord mocht worden. Soms was zwijgen voldoende. En soms werd een verhaal een traan en wanneer dat gebeurde, mochten we die opvangen. Iedere traan vertelde iets anders en unieks, ieder rouwproces is ook uniek. Dat kan je aflezen uit de poëzie van de titels die de deelnemers hun traan gaven: tear with no ending, tear for the generations to come, Llrme d'espoir, tear in the silence of forgotten echoes, larme de danse.

Van Chaudfontaine naar Limbourg. Van Verviers naar Angleur en Eupen. Zo groeide dit participatief ritueel langzaam uit tot het monument dat vandaag voor ons staat, en dat door, voor en met de mensen zelf is gemaakt. Het vroeg moed van de deelnemers, die vaak niet wisten wat ze konden verwachten. Het vroeg een bereidheid om de eigen kwetsbaarheid te delen maar ook te zoeken naar woorden over de fragiliteit van de wereld om ons heen.
Het verzamelen van tranen klinkt misschien als een vreemde handeling, in een wereld die vooral vooruit wil. Maar rituelen hebben nooit de ambitie gehad om problemen op te lossen. Ze willen iets anders. Ze maken zichtbaar wat anders onzichtbaar blijft. Ze geven vorm aan wat nauwelijks woorden vindt. Ze nodigen ons uit om niet weg te kijken. En bovenal ze creëren de verbinding die we vaker en vaker missen.
Want rouw is geen stilstand. Gedeelde rouw is een manier om trouw te blijven aan wat waardevol is.
Wanneer verdriet geen ruimte krijgt, wordt ook handelen moeilijk. Ruimte maken voor rouw draagt dus bij aan collectieve veerkracht. Het creëert potentieel tot politieke transformatie
Tijdens deze ontmoetingen ging het niet alleen over wat zich in juli 2021 voltrok. Er werd ook gerouwd om iets wat moeilijker te benoemen is: om rivieren die anders aanvoelen. Om landschappen die hun vanzelfsprekendheid verliezen. Om vogels die minder vaak terugkeren. Om seizoenen die hun ritme kwijt lijken te zijn. Om de klimaatontwrichting waar we dagelijks in het klein en groot mee geconfronteerd worden.
Voor dat ecologisch verdriet hebben we nauwelijks taal. Nog minder rituelen.
Misschien is dat één van de redenen waarom deze rouw zo vaak onder de oppervlakte blijft. Ze lijkt niet helemaal toegelaten. Alsof verdriet om een rivier, een bos of een toekomst minder echt, minder 'rouwbaar' zou zijn dan ander verdriet.
Maar verdriet laat zich niet rangschikken. Wat we liefhebben, mogen we ook betreuren. "Loss is part of love. Ignoring loss is ignoring love", schreef Elisabeth Kübler-Ross. Precies dát is de politieke betekenis van een rouwritueel.
Er zit dus in dit monument ook veel affectie, tederheid en zorg, maar ook angst, machteloosheid, schuldgevoel. We weten wat we weten over de klimaatcrisis, en toch lijkt het steeds moeilijker om te handelen alsof die kennis er ook echt toe doet. We kennen de cijfers. We zien de beelden. We voelen de gevolgen. En toch lijkt er een diepe vervreemding te zijn tussen wat we weten en hoe we leven of de politieke moed om te handelen.
Misschien is dat geen onverschilligheid. Misschien is het collectieve ontreddering.
Klimaatpsychologen wijzen erop dat niet-erkende rouw mensen kan verlammen. Wanneer verdriet geen ruimte krijgt, wordt ook handelen moeilijk. Daarom spreken zij over het belang van veilige ruimtes: plaatsen waar mensen hun ecologische verdriet kunnen delen zonder zich te moeten verantwoorden. Het stimuleren van rouwvaardigheid en het aanreiken van rouwpraktijken draagt dus bij aan collectieve veerkracht, in de complexe overgangstijd waarin we nu ten volle zitten. Het creëert potentieel tot politieke transformatie.
Misschien is dit monument zo'n plek. Niet omdat het antwoorden geeft, maar omdat het erkenning biedt. Omdat niemand hier hoeft uit te leggen waarom een traan gepast is. Iedere traan die de voorbije weken werd verzameld, draagt een verhaal.

En iedere traan is zo ook een boodschap. A message in a bottle. Geen boodschap uit het verleden, maar een boodschap aan de toekomst: dat zorg geen naïeve houding is, en dat hoop geen gevoel is dat ons zomaar overkomt, maar een dagelijkse praktijk.
De Roemeense filosoof Emil Cioran schreef: "In de wereld van het gevoel zijn tranen het criterium van de waarheid."
Misschien bewaart dit monument precies die waarheid. De waarheid van wat verloren ging. De waarheid van wat ons nog altijd raakt. Maar ook de waarheid van onze verbondenheid.
Want we huilen alleen om datgene waarmee we ons verbonden voelen. Laat deze tranen daarom niet alleen een herinnering zijn aan een ramp. Laat ze ook een belofte zijn: dat we zorg niet langer uitstellen. Dat we blijven kiezen voor ideologie van verbondenheid. Dat we blijven kiezen voor actieve hoop.
En dat we, zolang er nog iets is om lief te hebben, ook de moed zullen vinden om het te beschermen.




