Recensie: La Reprise: 'Pijnlijk, maar diep indrukwekkend'

| 18 mei 2018
Voor Milo Rau zich aan het nu al uiterst controversiële Lam Gods waagt, geeft hij het Belgische publiek al een voorproefje op Kunstenfestivaldesarts. In La Reprise. Histoire(s) du Théâtre diept hij een zinloze moord uit, om er de essentie van ons bestaan mee te vatten. Het resulteert in indrukwekkend en vooral belangrijk theater.- Ewoud Ceulemans, De Morgen, 7-05-2018

Voor Milo Rau zich aan het nu al uiterst controversiële Lam Godswaagt, geeft hij het Belgische publiek al een voorproefje op Kunstenfestivaldesarts. In La Reprise. Histoire(s) du Théâtre diept hij een zinloze moord uit, om er de essentie van ons bestaan mee te vatten. Het resulteert in indrukwekkend en vooral belangrijk theater.

Nog niet zo lang geleden werd Milo Rau door de media en de politiekverketterd, nadat de nieuwe NTGent-intendant een controversiële castingoproep voor zijn nieuwe productie Lam Gods de wereld instuurde. Hoe veel van die luid roepende moraalridders zouden afgelopen weekend zijn afgezakt naar het Brusselse Théâtre National om er La Reprise. Histoire(s) du Théâtre te gaan bekijken? Moeilijk te zeggen. Maar wie met een open geest plaatsnam, kon alleen maar vaststellen dat Rau's durf om moeilijke onderwerpen aan te snijden gepaard gaat met de gave om daar indrukwekkend theater uit te puren.

De slotmonoloog van Sara De Bosschere is een luide, maar zeldzame valse noot in de verder feilloze compositie van 'La Reprise'

Uitgangspunt van La Repriseis de moord op Ihsane Jarfi, een 30-jarige homo uit Luik die in 2012 bij vier mannen in de auto stapte, om vier uur en ontelbaar veel meppen later naakt en bewusteloos te worden achtergelaten. Jarfi overleefde de martelingen niet, en is het eerste (officiële) dodelijke slachtoffer van homofobie in ons land. Een pijnlijk hoofdstuk uit onze geschiedenis, met andere woorden. Maar net zoals Rau ons eerder met het trauma van de Dutroux-crisis confronteerde in Five Easy Pieces, houdt hij zijn publiek nu ook een spiegel voor. Een spiegel die toont hoe zelfs de meest banale daden héél veel kunnen zeggen over onze menselijkheid.

Maar vooraleer we verder ingaan op de kwaliteiten van Rau's mise-en-scène, eerst even een puntje van kritiek: in die laatste monoloog van Sara De Bosschere (die, net als Johan Leysen, eerder met Rau samenwerkte in The Civil Wars) wordt er net iets té expliciet een wijsvinger opgestoken. “Onze wereld staat op z'n kop, we moeten hem terug omdraaien”, moraliseert De Bosschere, en dat is een luide, maar zeldzame valse noot in de verder feilloze compositie van La Reprise.

Biechtstoel

Want voor de overige 90 minuten getuigt deze voorstelling vooral van bijzonder veel inzicht. Inzicht in wat theater kan betekenen, inzicht in onze samenleving, en inzicht in de condition humaine. Rau 'herhaalt' niet alleen de brute moord op Jarfi – het vijfde bedrijf is bijwijlen weerzinwekkend, maar kijk vooral niet weg – maar hij toont ons exact hoe die herhaling tot stand is gekomen. En daarmee dwingt hij zijn publiek om een pijnlijke herinnering opnieuw te beleven. Sigmund Freud zou vast een duur woord bezigen om de heilzame effecten van zo'n herbeleving uit te leggen, maar wij stellen simpelweg vast dat het voor een pijnlijke, maar diep indrukwekkende theaterervaring zorgt.

Rau houdt zijn publiek een spiegel voor. Een spiegel die toont hoe zelfs de meest banale daden héél veel kunnen zeggen over onze menselijkheid

Drie professionele acteurs (Leysen, De Bosschere, en Sébastien Foucault) en drie amateurspelers (Fabian Leenders, Tom Adjibi en Suzy Rocco) slaan daarvoor de handen in elkaar. Samen reflecteren ze over hun werk, over hun methodes, over het uiteindelijke doel ervan. “Een acteur is als een pizzakoerier”, vertelt Leysen ons in de openingsmonoloog. “Het draait niet om die koerier, maar om de pizza die hij levert.” Zo is het maar net.

De audities van de drie amateur-acteurs toont Rau net nadat hij het proces van de Jarfi-moord heeft beschreven. De parallel is treffend. Een castingdirecteur die onomwonden vragen stelt, de sollicitanten die antwoorden alsof ze in een biechtstoel zitten. Het is trouwens opvallend hoe goed die aanpak met niet-professionele acteurs werkt: zeggen dat aan elk van hen een groot acteur is verloren gegaan, is de waarheid geweld aandoen, maar de oprechtheid waarmee ze spelen, maakt La Reprise des te prangender. Niet het minst wanneer Leenders uitlegt dat zijn leven opvallend gelijkloopt met dat van één van de moordenaars: zelfde familiale situatie, zelfde carrière, zelfde uitzichtloosheid. Alsof Rau wil benadrukken dat de moord op Jarfi ons allemaal aanbelangt.

Bruut geweld

Wie voorstellingen als Five Easy Pieces of Empire heeft gezien, ziet ook in La Reprise de handelsmerken van Milo Rau: de reflecties van de acteurs over hun eigen leven en hun personages, de filmische interventies, de opdeling in vijf bedrijven. Het zou allemaal wat gimmicky kunnen worden, maar Rau's ingrepen zijn nooit goedkoop, en dragen altijd bij tot het onderzoek van het verhaal dat hij wil vertellen. Als hij Foucault laat uitleggen hoe hij elke dag ging wandelen op de plaats waar Jarfi's lijk is gevonden, is dat geen trucje om interessant te doen, maar wel een sterke herinnering aan hoe dichtbij dit trauma nog is. En als hij zijn derde hoofdstuk 'De banaliteit van het kwaad' noemt, is dat meer dan een simpele verwijzing naar filosofe Hannah Arendt: het is een eenvoudige bekrachtiging van hoe snel onze samenleving tot zo'n bruut geweld kan escaleren.

Dat bruut geweld wordt in de slotakt dus onomwonden getoond: krachtig geënsceneerd, uitznoderlijk direct. Het is niet de meest ontspannende ervaring, maar het toont dat theater niet alleen mooi, maar ook belangrijk kan zijn. Omdat het ons confronteert met wie we zijn, en wat we doen. Omdat het ons eraan herinnert wat het betekent om mens te zijn – in al zijn goed- en slechtheid.

- Ewoud Ceulemans, De Morgen, 7-05-2018

Rau houdt zijn publiek een spiegel voor. Een spiegel die toont hoe zelfs de meest banale daden héél veel kunnen zeggen over onze menselijkheid
Ewoud Ceulemans - De Morgen